Een nieuwe blog, een nieuw begin

Rubriek: BLOG | Geplaatst: 16-09-2016

Hoogste tijd voor een nieuwe blog. De laatste dateert uit december 2015. En vrolijk was ie niet. Het was vlak voor de kerst. Ik schreef dat ik onder een steen ging liggen en daar zou blijven tot de feestdagen voorbij waren. 2015 was een rampjaar. Anna, de vrouw met wie ik dertig jaar lief en leed deelde, was dood. Ik zat in m’n uppie in Frankrijk en vroeg me ernstig af hoe het verder moest gaan. Maar dat het verder moest, wist ik wel. Anna was drie jaar lang ernstig ziek geweest en al die tijd wist ik dat ze op een dag zou doodgaan en dat ik er dan alleen voor zou komen staan. We spraken over de dood en het leven daarna. Ze stelde me heel directe vragen. Wat ga je doen als ik er niet meer ben? Je blijft toch niet alleen, hè? Dat is niks voor jou. Blijf je in Frankrijk wonen of ga je terug naar Nederland? Mijn antwoord was altijd: zo ver is het nog niet. Misschien word je wel beter. Maar ze werd niet beter. Ondertussen dacht ik na over de toekomst. Maar toen het zover was, kon ik niks bedenken.
Alles was donker en somber.
Dat 2016 de zon weer zou gaan schijnen, kon ik niet geloven.
En toch gebeurde het.
Alsof iemand vanuit de hemel een handje hielp.
Naar aanleiding van mijn boek ‘Het meisje op de weg’ gaf ik een interview in mijn geboorteplaats. In de zaal op de derde rij zat een vrouw. We kenden elkaar van vroeger, toen we 16 waren en samen in een kerkkoor zongen. Sindsdien hadden we elkaar nooit meer gezien. Ik wist dat haar man in 2015 was gestorven. En zij wist van Anna. Die avond was ze voor de eerste keer na het overlijden van haar man alleen in de stad. Na afloop van het interview gingen we naar het café, samen met vijftien oude vrienden en bekenden die speciaal voor mij naar het interview waren gekomen. We belandden tegenover elkaar aan een lange tafel en we begonnen te praten. Over de doden, over het leven, over de ruim veertig jaar dat we elkaar niet gezien hadden. Praten, huilen, lachen en weer huilen. Na een uur vroeg ze of ik niet met de anderen wilde praten. Nee, zei ik, dit is prima. Een weduwe en een weduwnaar. We waren bij voorbaat geëxcuseerd.
We namen afscheid en zeiden dat we contact zouden houden. Zonder bijbedoelingen. We hielden inderdaad contact. Mailen en daarna bellen. Zij in Nederland, ik in Frankrijk. Uren bellen, tot onze oorschelpen beurs waren. Er was sprake van dat ze naar Frankrijk zou komen, naar kennissen die toevallig vlak bij mij in de buurt woonden. Dan moet je komen lunchen, zei ik. Toen de reis niet doorging, beseften we allebei hoe jammer we dat vonden. Nog meer bellen, nog meer praten. Op een zaterdagochtend spraken we onze gevoelens voor elkaar uit. Aan de telefoon. We moesten elkaar zien. Er werd een datum geprikt. Ik zou naar Nederland komen. Die dagen kon ik aan niets anders denken. Tegelijkertijd vroeg ik me af wat ik voelde: troost of liefde? Vanaf het moment dat we elkaar in de armen vielen wisten we allebei dat het klopte. Sindsdien zijn we samen. Al zijn de doden nooit ver weg. Het leven schrijft een nieuw hoofdstuk, maar onze overleden geliefden koesteren we iedere dag.
2016 is voor mij een topjaar geworden. ‘Het meisje op de weg’ kreeg fantastische recensies en maar liefst drie nominaties. Voor De Diamanten Kogel, De Gouden Strop en ook nog voor de Hebban Awards. (By the way: stemmen voor de Hebban Award kan nog tot 23 september op www.hebban.nl) Van het boek zijn 20.000 exemplaren verkocht. Ook dat is een cadeautje. Mijn huis in Frankrijk heb ik deze zomer te koop gezet. Het is zo goed als verkocht. Volgend jaar verhuis ik naar Nederland. En ondertussen werk ik hard aan een nieuw boek.
Het gaat dus goed met me. Zeer goed. Daarom schrijf ik deze blog. Om jullie te laten weten dat ik niet meer onder een steen lig.