Opruimen

Rubriek: BLOG | Geplaatst: 21-12-2011

Een diepe zucht. Een nieuw boek voltooid. (‘Nacht in Parijs’, publicatie april 2012.) Nadat de definitieve versie per mail naar de uitgever gestuurd is, realiseer ik me pas hoeveel rommel zich de afgelopen maanden in mijn werkkamer heeft opgestapeld. Briefjes, blaadjes, vellen vol aantekeningen, uitgeprinte eerdere versies van het manuscript met opmerkingen van de uitgever en proeflezers, notities met personages, hun leeftijd, uiterlijk en andere bijzonderheden. Tegen de boekenkast is een A-viertje vastgeplakt met goede voornemens. Een jaar geleden, toen ik aan het boek begon, heb ik het daar opgehangen. Ik citeer: korte tijdspanne, meteen spanning, meteen een lijk, maatschappelijk relevant. En zo staat er nog het een en ander. Geweldige uitgangspunten, maar nooit meer naar gekeken. Het A-viertje belandt in de vuilniszak. Net zoals de tientallen briefjes waarop ik iets heel belangrijks had genoteerd, om er vervolgens niet meer na te kijken. Of om het briefje kwijt te raken. Ik vind een verloren gewaande notitie over een van de locaties, aantekeningen naar aanleiding van een bezoek aan Parijs. Wat een chaos, wat een rommel. Hoe kan een mens hier werken? Laat staan een boek schrijven. Het antwoord is eenvoudig. Dankzij de computer . Door dit geweldige apparaat belandt alles uiteindelijk in één overzichtelijk document. En goddank is er ook nog zoiets als internet waardoor de meeste vragen die tijdens het schrijven opdoemen binnen een paar tellen te beantwoorden zijn. Voor de meer specifieke vragen heb ik mijn specialisten. Hun telefoonnummers staan op briefjes die ik apart bewaard heb om ze niet kwijt te raken.
Terwijl ik opruim en de papierberg langzaam slinkt, vraag ik me af hoe schrijvers dat vroeger deden. Zonder computer, zonder internet. Reizen, lezen, onthouden. Véél onthouden. En eerst zorgvuldig formuleren voor iets aan het papier werd toevertrouwd. Woorden, zinnen, pagina’s, hoofdstukken. Met de hand of met de schrijfmachine. Hoe langer je daarover nadenkt, hoe ongelooflijker het wordt. Knap. Nee, indrukwekkend knap. Wat dat betreft ben ik een kind van de knip-en-plakgeneratie, een chaoot die zonder computer nooit een boek zou kunnen schrijven.
Ik knoop de vuilniszak dicht. De vloerbedekking is weer zichtbaar. Stofzuigen!